Menu
JPR Advocaten

Aansprakelijkheidsrecht

Aansprakelijkheid en aansprakelijkheidsrecht zijn dagelijks in het nieuws. Verkeersongevallen, geweldplegingen, gasontploffingen, bedrijfsbranden of aardbevingen als gevolg van gaswinning. Aansprakelijkheidsrecht is het recht dat regelt wie aangesproken kan worden om door derden geleden en/of veroorzaakte schade te vergoeden. Iedereen kan vroeg of laat te maken krijgen met het aansprakelijkheidsrecht. Zo kunt u betrokken zijn bij (verkeers)ongevallen en geweldsplegingen of kunt u als werknemer of als werkgever schade lijden of schade toebrengen.

Als een bedrijf aansprakelijk is voor dergelijke schade komt de vraag aan de orde of een bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering dekking biedt en de schade vergoedt. Ook als directeur of commissaris van een bedrijf kunt u naast het bedrijf zelf ook persoonlijk aansprakelijk gesteld worden, ook al denkt u dat u als gevolg van uw keuze voor een bepaalde juridische structuur van uw bedrijf weinig of geen risico daarop loopt. Is de aansprakelijkheid van uw bedrijf dan gedekt onder een bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering? Of is uw persoonlijke aansprakelijkheid gedekt onder een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering? Ook vrije beroepsbeoefenaren of dienstverleners, al dan niet opererend in grote organisaties, krijgen zeer regelmatig met het aansprakelijkheidsrecht te maken. Steeds vaker worden advocaten, notarissen, artsen, medische specialisten, accountants, fiscalisten, makelaars, assurantietussenpersonen en financiële dienstverleners ook persoonlijk aansprakelijk gesteld.

Hebt u voor deze schade wel een goede beroepsaansprakelijkheidsverzekering afgesloten. Makelaars en assurantietussenpersonen worden de laatste tien jaar steeds vaker aansprakelijk gesteld.

In alle gevallen kan soms sprake zijn van grote schades, die dus soms alleen op het bedrijf, maar soms ook op de bestuurders, de directie en/of commissarissen persoonlijk kunnen worden verhaald. Ook als uw bedrijf producten “in het verkeer brengt”, kan uw bedrijf aansprakelijk zijn voor schade die veroorzaakt wordt door een gebrek in het product: het gaat hier om de zogenaamde productaansprakelijkheid. Ook voor deze specifieke vorm van aansprakelijkheid bestaan productaansprakelijkheidsverzekeringen.

Als een bedrijf chemische stoffen toepast, waarvan bekend is dat die een bijzonder gevaar voor personen of zaken oplevert, kent het Nederlands aansprakelijkheidsrecht een speciale aansprakelijkheidsregeling. Voor schade als gevolg van gevaarlijke stoffen en nalatig milieubeheer is de gebruiker daarvan aansprakelijk.

Wilt u door u geleden schade op de veroorzaker verhalen? Hebt u schade aan een ander toegebracht en/of bent u door die ander daarvoor aansprakelijk gesteld? In al die gevallen adviseren wij u u te wenden tot één van de advocaten van de sectie Aansprakelijkheid en Verzekering van JPR Advocaten.

Aansprakelijkheidsrecht algemeen

Het aansprakelijkheidsrecht is bij uitstek het terrein van advocaten. Iedereen kan vroeg of laat te maken krijgen met het aansprakelijkheidsrecht. Het aansprakelijkheidsrecht bevat een ingewikkeld stelsel van regels over de verplichting (ook wel verbintenis) tot het betalen van een schadevergoeding. Deze verplichting kan voortvloeien uit de Wet (de zogenaamde wettelijke aansprakelijkheid) of uit een overeenkomst (de zogenaamde contractuele aansprakelijkheid).

Indien de Wet aan bepaalde menselijke handelingen die anderen schade berokkenen de verplichting verbindt om die schade te vergoeden, spreken we van wettelijke aansprakelijkheid. De belangrijkste bron voor wettelijke aansprakelijkheid is de onrechtmatige daad.

Bij de aansprakelijkheid uit overeenkomst (contractuele aansprakelijkheid) gaat het om de verplichting tot schadevergoeding die voor een partij ontstaat als hij de verplichting die hij bij de overeenkomst heeft aangegaan niet, niet tijdig of niet behoorlijk nakomt, waardoor zijn contractspartner schade lijdt. In het aansprakelijkheidsrecht wordt een dergelijk niet voldoen aan een contractuele verplichting een toerekenbare tekortkoming (vroeger: wanprestatie) genoemd. Dat geldt ook voor particulieren.

Onrechtmatige daad

Als tegen uw bedrijf een onrechtmatige daad is gepleegd, heeft uw bedrijf recht op schadevergoeding. Als uw bedrijf een onrechtmatige daad heeft gepleegd en/of voor een onrechtmatige daad aansprakelijk wordt gesteld, zal uw bedrijf of uw bedrijfsaansprakelijkheidsverzekeraar de schade van de derde moeten vergoeden. De aansprakelijkheidsverzekering voor bedrijven zal dekking moeten bieden voor wettelijke en contractuele aansprakelijkheid. Meestal zal de productaansprakelijkheid apart verzekerd zijn.

Soms kan ook de zogenaamde dienstenaansprakelijkheid verzekerd zijn. Dat wil zeggen als uw bedrijf wettelijk en/of contractueel aansprakelijk is voor schade die is toegebracht aan personen en zaken. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn als (een werknemer van) uw bedrijf zijn werkzaamheden, waartoe uw bedrijf zich bij overeenkomst tot aanneming van werk of bij een overeenkomst tot het verrichten van enkele diensten had verplicht, niet behoorlijk heeft uitgevoerd. Daarnaast kan uw bedrijf aansprakelijk worden gesteld voor schade die werknemers oplopen door bedrijfs- en verkeersongevallen met motorvoertuigen. Uw bedrijf is als werkgever aansprakelijk voor zowel de materiële als de letselschade (zuivere vermogensschade) die kan optreden bij bestuurders en inzittenden van motorrijtuigen. De aansprakelijkheid van uw bedrijf gaat echter verder dan alleen tijdens het zakelijk gebruik van een motorrijtuig door uw werknemers. Uw bedrijf kan ook aansprakelijk zijn als uw werknemers in het kader van de uitvoering van opgedragen werkzaamheden op de fiets of lopend een ongeval overkomt of als een ongeval door hen veroorzaakt wordt. Ook als u als werkgever sportevenementen, bedrijfsuitjes e.d. hebt georganiseerd kunt u aansprakelijk zijn voor letsel van uw werknemers. In alle gevallen geldt dat het niet alleen om werknemers in dienstbetrekking hoeft te gaan, maar ook om uitzendkrachten, ZZP-ers, die tijdens de werkzaamheden in opdracht van een bedrijf schade oplopen of veroorzaken.

Welke schade dient uw bedrijf te vergoeden?

Het slachtoffer van een onrechtmatige daad heeft recht op een vergoeding van zowel zaakschade als personenschade (letsel- en overlijdensschade).

Bij zaakschade kunt u denken aan bijvoorbeeld kapotte spullen (materiële schade). Is er iemand ziek geworden, gewond geraakt of overleden, dan spraken we van letselschade. Ook bij letselschade kan weer sprake zijn van materiële (vermogensschade door letsel) en immateriële schade (niet vermogensschade of ideële schade; smartengeld), veroorzaakt door pijn, verdriet en derving van levensvreugde.

Bij overlijdensschade is sprake van vermogensschade die bestaat uit derving van levensonderhoud door het wegvallen van het overleden slachtoffer als kostwinner en uit begrafeniskosten.

Volgens het in Nederland geldende aansprakelijkheidsrecht hebben benadeelden (zowel natuurlijke personen als rechtspersonen/bedrijven) in geval van een onrechtmatige daad ook recht op vergoeding van c.q. de plicht tot:

  • kosten ter beperking van schade;
  • expertisekosten en buitengerechtelijke incassokosten.

Oorzakelijk verband

Om schade te kunnen vorderen zal de benadeelde (het slachtoffer) moeten aantonen dat sprake is van een oorzakelijk (causaal) verband tussen schade en de onrechtmatige daad. Daarbij moet het gaan om een zodanig oorzakelijk verband dat de schade aan (de werknemer van) het bedrijf moet worden toegerekend, mede gelet op de aard van de aansprakelijkheid en de schade (de zogenaamde toerekeningsleer van de Hoge Raad - art. 6:98 BW).

Risicoaansprakelijkheid

Als een werknemer van uw bedrijf in de uitoefening van het dienstverband, derhalve als werknemer schade veroorzaakt aan derden is, zoals wij hiervoor zagen, uw bedrijf aansprakelijk op voorwaarde dat er sprake is van een functioneel verband tussen fout en de opgedragen taak (art. 6:170 BW). Het Nederlands aansprakelijkheidsrecht kent in die situatie een risicoaansprakelijkheid voor de werkgever. Ook als een niet-werknemer en dus geen ondergeschikte, maar bijvoorbeeld een uitzendkracht of een ZZP-er bij de uitvoering van door het bedrijf opgedragen werkzaamheden schade aan een derde heeft toegebracht of schade heeft opgelopen kan uw bedrijf aansprakelijk zijn voor de door deze veroorzaakte schade ook al heeft uw bedrijf geen directe schuld. Ook hier kent het Nederlandse aansprakelijkheidsrecht een regeling voor, die is opgenomen in art. 6:171 BW. Voorwaarde voor aansprakelijkheid van de opdrachtgever is dan dat het door uw bedrijf aan de uitzendkracht/ZZP-er opgedragen werk in het kader van de uitoefening van uw bedrijf wordt verricht, ook al is geen sprake van ondergeschiktheid.

Bedrijfsongeval

Indien uw werknemer of uw inleenkracht op uw bedrijf een ongeval overkomt of veroorzaakt, kent het aansprakelijkheidsrecht ook de mogelijkheid dat uw bedrijf voor die schade aansprakelijk is, namelijk als u onvoldoende zorg hebt besteed bij de uitoefening van de opgedragen werkzaamheden. Op grond van uitspraken van de Hoge Raad kan gesteld worden dat hoewel het hier gaat om een schuldaansprakelijkheid, dit hoogste rechtscollege in een aantal arresten de normen zo aangescherpt heeft dat de uitkomsten bij toepassing op praktijkgevallen niet veraf liggen van de uitkomsten bij risicoaansprakelijkheid. Zo ligt de bewijslast bij uw bedrijf, kent het aansprakelijkheidsrecht voor uw bedrijf een zeer verstrekkende zorgvuldigheidsnorm en mag u de werknemer of ZZP-er alleen als verweermiddel tegenwerpen dat hij of zij gehandeld heeft met opzet of bewuste roekeloosheid. Als een uitzendkracht een dergelijk bedrijfsongeval is overkomen, kunnen zowel het uitzendbureau als uw bedrijf als inlener aansprakelijk zijn voor de schade van deze uitzendkracht.

Aansprakelijkheid uit overeenkomst

Zoals wij hiervoor zagen kent het aansprakelijkheidsrecht ook de contractuele aansprakelijkheid: de toerekenbare tekortkoming (wanprestatie). Begaat uw bedrijf of iemand namens uw bedrijf een toerekenbare tekortkoming, waardoor de wederpartij van uw bedrijf schade lijdt, dan bent u verplicht die schade te vergoeden indien en voor zover de schade aan uw bedrijf kan worden toegerekend. Omgekeerd geldt hetzelfde. Als uw contractspartij jegens uw bedrijf wanprestatie pleegt, kan uw bedrijf proberen de geleden schade te verhalen. Veelal zal dan sprake kunnen zijn van een beroepsaansprakelijkheidsverzekering of een bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering. U zult dan de discussie over de aansprakelijkheid en de aard en omvang van de schade moeten voeren met de beroeps- of bedrijfsaansprakelijkheidsverzekeraar. Maar net als bij de onrechtmatige daad vindt de toerekening plaats op basis van schuld- en/of risicoaansprakelijkheid. Voor de verschillende schadeposten en de omvang van de schade gelden min of meer dezelfde schadeposten als in het wettelijke aansprakelijkheidsrecht. Voor de omvang van de schadevergoeding is echter uiteraard ook de aard en inhoud van de overeenkomst zelf van belang. Zijn er bijvoorbeeld algemene voorwaarden van toepassing en zo ja, komt aan u dan een beroep toe op de nietigheid daarvan?

Veelal zal het aansprakelijkheidsrisico van bedrijven door een bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering (AVB) zijn gedekt. Maar dekt die verzekering ook de schade die uw werknemer oploopt bij een ongeval op uw bedrijf of op weg naar een klant? En vergoedt uw verzekeraar ook de schade die de werknemer lijdt als gevolg van een ongeval tijdens woon-werkverkeer?

Aansprakelijkheidsrecht algemeen

Het aansprakelijkheidsrecht is bij uitstek het terrein van advocaten. Iedereen kan vroeg of laat te maken krijgen met het aansprakelijkheidsrecht. Het aansprakelijkheidsrecht bevat een ingewikkeld stelsel van regels over de verplichting (ook wel verbintenis) tot het betalen van een schadevergoeding. Deze verplichting kan voortvloeien uit de Wet (de zogenaamde wettelijke aansprakelijkheid) of uit een overeenkomst (de zogenaamde contractuele aansprakelijkheid).

Indien de Wet aan bepaalde menselijke handelingen die andere schade berokkenen de verplichting verbindt om die schade te vergoeden, spreken we van wettelijke aansprakelijkheid. De belangrijkste bron voor wettelijke aansprakelijkheid is de onrechtmatige daad.

Bij de aansprakelijkheid uit overeenkomst (contractuele aansprakelijkheid) gaat het om de verplichting tot schadevergoeding die voor een partij ontstaat als hij de verplichting die hij bij de overeenkomst heeft aangegaan niet, niet tijdig of niet behoorlijk nakomt, waardoor zijn contractspartner schade lijdt. In het aansprakelijkheidsrecht wordt een dergelijk niet voldoen aan een contractuele verplichting een toerekenbare tekortkoming (vroeger: wanprestatie) genoemd. Dat geldt ook voor particulieren.

Onrechtmatige daad

Als tegen u een onrechtmatige daad is gepleegd, hebt u recht op schadevergoeding. Als u een onrechtmatige daad tegen een derde hebt gepleegd, zult u de daardoor geleden schade aan die derde moeten vergoeden. Onder een onrechtmatige daad wordt volgens art. 6:162 BW verstaan zowel de schending van een recht van een ander, als schending van de eigen rechtsplicht als ook een handelen of nalaten in strijd met de maatschappelijke zorgvuldigheid. In het verkeer worden regelmatig onrechtmatige daden begaan. Als u bijvoorbeeld in uw auto, op de fiets of als voetganger wordt aangereden door de auto van een derde kan de veroorzaker van het ongeval aansprakelijk zijn voor de door u geleden (o.a. letsel)schade.

Een ander voorbeeld van een onrechtmatige daad is als u door een door u gekocht product letselschade oploopt (productaansprakelijkheid). Ook kan het hanteren van oneerlijke handelspraktijken een onrechtmatige daad opleveren of het doen van misleidende mededelingen, bijvoorbeeld in reclame-uitingen en bij merkvergelijking. De online ticketverkoper die op zijn website tickets verkoopt als “de laatste tickets van het uitverkochte concert”, terwijl er nog geen ticket verkocht is, maakt zich schuldig aan een oneerlijke handelspraktijk en pleegt dus een onrechtmatige daad.

Toerekening

De onrechtmatige daad moet wel aan de dader kunnen worden toegerekend. Dat is niet alleen het geval wanneer de dader schuld valt te verwijten (de zogenaamde schuldaansprakelijkheid), maar ook als de daad aan hem moet worden toegerekend volgens de Wet of de verkeersopvatting, zonder dat sprake is van schuld in de zin van persoonlijke verwijtbaarheid (de zogenaamde risicoaansprakelijkheid).

Op welke schadevergoeding hebt u volgens het aansprakelijkheidsrecht aanspraak?

De dader van een onrechtmatige daad moet zowel zaakschade als personenschade (letsel- en overlijdensschade) vergoeden.

Bij zaakschade kunt u denken aan vermogensschade door beschadiging van een zaak (materiële schade), zoals de beschadiging van uw woning, inboedel, auto, etc.

Bij letselschade kunt u denken aan zowel materiële (vermogensschade door letsel) en immateriële schade (is niet vermogensschade of ideële schade) door pijn, verdriet en derving van levensvreugde, te vergoeden door smartengeld.

Bij overlijdensschade is sprake van vermogensschade die bestaat uit derving van levensonderhoud door het wegvallen van het overleden slachtoffer als kostwinner en uit begrafeniskosten.

Volgens het in Nederland geldende aansprakelijkheidsrecht hebt u als slachtoffer van een onrechtmatige daad ook recht op vergoeding van de navolgende schadeposten:

  • kosten ter beperking van schade;
  • expertisekosten en buitengerechtelijke incassokosten.

Wie hebben recht op letsel- en overlijdensschade?

Hebt u lichamelijk of geestelijk letsel dan bent alleen u als slachtoffer volgens het aansprakelijkheidsrecht gerechtigd schadevergoeding te vorderen (art. 6:107 BW). Indien een ander kosten heeft gemaakt ten behoeve van u als slachtoffer die de laatste ook had kunnen verhalen, mag die ander die kosten terugvorderen. Daarbij kunt u denken aan door familieleden gemaakte bezoekkosten, kosten van verzorging en reiskosten.

Bij overlijden kan ingevolge art. 6:108 BW van het aansprakelijkheidsrecht een beperkt aantal personen verhaal halen, te weten:

  • echtgenoot en kinderen;
  • andere bloed- of aanverwanten, alsmede in gezinsverband samenwonenden.

Voorwaarde op vergoeding van de schade wegens derving van levensonderhoud is alleen mogelijk als u aantoont dat u, uw kinderen of bloed- of aanverwanten door de overledene werd onderhouden en ook verder nog zouden worden onderhouden. Bovendien hebt u aanspraak op vergoeding van begrafenis- en crematiekosten, die in overeenstemming moeten zijn met de omstandigheden van de overledene.

Oorzakelijk verband

Om schade te kunnen vorderen zult u volgens het aansprakelijkheidsrecht moeten aantonen dat sprake is van een oorzakelijk (causaal) verband tussen schade en de onrechtmatige daad. Daarbij moet het gaan om een zodanig oorzakelijk verband dat de schade aan de dader moet worden toegerekend, mede gelet op de aard van de aansprakelijkheid en de schade (de zogenaamde toerekeningsleer van de Hoge Raad - art. 6:98 BW).

Risicoaansprakelijkheid voor personen

Kinderen

Volgens het aansprakelijkheidsrecht zijn kinderen tot 14 jaar niet aan te spreken voor hun daden: hun aansprakelijkheid gaat over op de ouders, zonder dat deze zich kunnen vrijpleiten (risicoaansprakelijkheid). Bij 14- en 15-jarigen rust de aansprakelijkheid zowel op het kind als op de ouder, zij het dat de ouder zich hier wel kan verontschuldigen (disculperen - art. 6:169 BW). Vanaf 16 jaar zijn kinderen zelf aansprakelijk voor hun onrechtmatige daden.

Werkgever

Als u in de uitoefening van uw dienstverband derhalve als werknemer schade veroorzaakt aan derden is uw werkgever volgens het aansprakelijkheidsrecht aansprakelijk op voorwaarde dat er sprake is van een functioneel verband tussen fout en de opgedragen taak (art. 6:170 BW). Het Nederlands aansprakelijkheidsrecht kent in die situatie een risicoaansprakelijkheid voor de werkgever. Ook als u die schade toebrengt niet als ondergeschikte, maar als een ZZP-er kan sprake zijn van risicoaansprakelijkheid van uw opdrachtgever. Ook hier kent het Nederlandse aansprakelijkheidsrecht een regeling voor: art. 6:171 BW. Voorwaarde voor aansprakelijkheid van de opdrachtgever is dan dat het aan u opgedragen werk in het kader van de uitoefening van het bedrijf van de opdrachtgever wordt verricht, ook indien geen sprake is van ondergeschiktheid.

Bedrijfsongeval

Indien u als werknemer of als inleenkracht slachtoffer bent geworden van een ongeval op het bedrijf van uw werkgever of opdrachtgever, kan volgens het aansprakelijkheidsrecht sprake zijn van aansprakelijkheid van uw werkgever of opdrachtgever, indien onvoldoende zorg is besteed aan de veiligheid bij de uitoefening van de opgedragen werkzaamheden. Op grond van de jurisprudentie kan gesteld worden dat hoewel het hier gaat om een schuldaansprakelijkheid de Hoge Raad in een aantal arresten de normen zo aangescherpt heeft dat de uitkomsten bij toepassing op praktijkgevallen niet veraf liggen van de uitkomsten bij risicoaansprakelijkheid. Zo ligt de bewijslast bij uw werkgever/opdrachtgever, is de voor deze geldende zorgvuldigheidsnorm zeer hoog en mag een werkgever/opdrachtgever u alleen als verweermiddel tegenwerpen dat u gehandeld hebt met opzet of bewuste roekeloosheid.

Als u als uitzendkracht een ongeval is overkomen is volgens het aansprakelijkheidsrecht zowel het uitzendbureau als het inlenende bedrijf aansprakelijk.

Aansprakelijkheid uit overeenkomst

Zoals wij hiervoor zagen kent het aansprakelijkheidsrecht ook de contractuele aansprakelijkheid: de toerekenbare tekortkoming (wanprestatie). Nederland is een land van dienstverleners, zoals onder meer de advocaat, de notaris, de arts, de medisch specialist, de accountant, de fiscalist, de assurantietussenpersoon of de financieel dienstverlener.

Begaat een dienstverlener een toerekenbare tekortkoming, waardoor u schade lijdt, dan is de dienstverlener verplicht die schade te vergoeden indien en voor zover de schade hem kan worden toegerekend. Veelal zal hij verzekerd zijn onder een beroepsaansprakelijkheidsverzekering. U zult dan de discussie over de beroepsaansprakelijkheid en de aard en omvang van de schade moeten voeren met de beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar. Ook omgekeerd geldt dat u als dienstverlener wanprestatie pleegt als u niet handelt zoals van een redelijk handelend en redelijk vakbekwaam dienstverlener had mogen worden verwacht. Net als bij de onrechtmatige daad vindt volgens het aansprakelijkheidsrecht de toerekening plaats op basis van schuld- en/of risicoaansprakelijkheid. Voor de verschillende schadeposten en de omvang van de schade gelden min of meer dezelfde schadeposten als in het wettelijke aansprakelijkheidsrecht. Voor de omvang van de schadevergoeding is echter uiteraard ook de aard en inhoud van de overeenkomst zelf van belang. Zijn er bijvoorbeeld algemene voorwaarden van toepassing en zo ja, komt aan u dan een beroep toe op de nietigheid daarvan?

Advies

Hebt u schade geleden als gevolg van een onrechtmatige daad of toerekenbare tekortkoming (wanprestatie) van een ander? Bent u door een ander aansprakelijk gesteld op grond van een onrechtmatige daad of wanprestatie? De advocaten van de sectie Verzekering en Aansprakelijkheid van JPR Advocaten zijn ter zake zeer deskundig en graag bereid u te adviseren en u zo nodig in een (gerechtelijke of mediation-/arbitrage) procedure bij te staan.

Hoofdlijnen van het aansprakelijkheidsrecht

“Ieder draagt zijn eigen schade”. Dat is het uitgangspunt, het fundament van ons aansprakelijkheidsrecht. Voor verplaatsing van schade moet een goede reden bestaan; die goede redenen worden onder meer gegeven in het aansprakelijkheidsrecht.

Steeds meer (natuurlijke en rechts-) personen doen een beroep op het aansprakelijkheidsrecht. In het aansprakelijkheidsrecht gaat het echter niet alleen om vergoeding. Niet iedere benadeelde zal vergoeding vinden in het aansprakelijkheidsrecht. Benadeelden zullen een grond voor verplaatsing moeten aangeven. Men heeft niet zonder meer recht op vergoeding. Het aansprakelijkheidsrecht kent vrij hoge drempels alvorens een recht op schadevergoeding wordt toegewezen. Buiten de gevallen van toerekenbare tekortkoming en toerekenbaar onrechtmatig handelen kan aansprakelijkheid worden gegrond op een aansprakelijkheid voor andermans onrechtmatig gedrag of een aansprakelijkheid voor zaken.

De benadeelde kan derhalve verschillende typen van aansprakelijkheid in stelling brengen, die echter gemeen hebben dat of het nu om schuld of risicoaansprakelijkheid gaat steeds enig tekort schieten van personen of van zaken in het geding is. Dit tekortkomingsaspect is evident bij de aansprakelijkheid voor eigen onrechtmatig gedrag, maar toch ook heel duidelijk bij de aansprakelijkheid voor andermans onrechtmatig gedrag. Aansprakelijkheid van de één veronderstelt daarbij aansprakelijkheid op basis van de onrechtmatige daad van de ander, de handelend persoon. Ook bij de aansprakelijkheden voor zaken kan het beeld van de tekortkoming goed worden gebruikt. Zo is voor verschillende aansprakelijkheden gebrekkigheid van de zaak vereist (Art. 6:173, 174, 185 BW). Zo is bij diverse vormen van aansprakelijkheid in het kader van de verweermogelijkheden een koppeling gemaakt met de persoonlijke aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad (tenzij-formule van art. 6:173, 174 en 179 BW).

Daarnaast is de causale relatie met de schade van belang. De schade moet op de tekortkoming zijn terug te voeren. Min of meer complementair is de regel dat schade die de gelaedeerde zelf veroorzaakt, althans schade die aan de gelaedeerde zelf kan worden toegerekend, als eigen schuld voor zijn rekening dient te blijven (art. 6:101 BW). Afgezien van “eigen schuld” is kenmerkend voor het aansprakelijkheidsrecht dat de benadeelde in beginsel zijn volledige vermogensschade vergoed krijgt en onder voorwaarden ook zijn immateriële schade. De benadeelde krijgt dus volledige vergoeding van zijn schade, wanneer er een causale relatie is te leggen met een “tekortkoming”. Is de schade echter mede een gevolg van eigen schuld, dan blijft de schade in beginsel in zoverre voor rekening van de benadeelde.

Hierna volgen enkele voorbeelden van specifieke vormen van aansprakelijkheid.

Werkgeversaansprakelijkheid

De werkgever is de afgelopen decennia zeer regelmatig met het aansprakelijkheidsrecht in aanraking gekomen. Met name over de vraag hoe ver zijn zorgplicht voor zijn werknemers en door hem ingeleende/ingeschakelde ZZP-ers nu reikte.

De werknemer die schade heeft opgelopen tijdens de uitvoering van de hem opgedragen werkzaamheden kan volstaan met het stellen dat hij schade heeft opgelopen tijdens de werktijd op de werkplek. Het toepassingsbereik van art. 7:658 BW heeft sedert de loop van de invoering daarvan (1 april 1997) een grote vlucht genomen. De op de werkgever rustende zorgplicht vereist dat de werkgever een op de omstandigheden van het geval toegesneden toezicht houdt op een behoorlijke naleving van de door hem gegeven instructies.

Indien de plaats waar de werkzaamheden worden verricht er aan in de weg staat dat de werkgever direct toezicht houdt op de naleving van de door hem gegeven instructies, dient deze zo nodig aanvullende veiligheidsmaatregelen te treffen. Welke maatregelen moeten worden getroffen, is afhankelijk van de omstandigheden van het geval, waaronder de aard van de werkzaamheden, de kans dat zich een ongeval zal voordoen, de ernst die de gevolgen van het ongeval kunnen hebben en de mate van bezwaarlijkheid van de te nemen veiligheidsmaatregelen (de zogenaamde kelderluik-factoren).

De zorgplicht van de werkgever is echter niet onbeperkt. Er zitten grenzen aan het aansprakelijkheidsrecht, zo leert de volgende casus.

Een werknemer was als chauffeur ter beschikking gesteld aan een derde om tuinmachines te vervoeren. Bij het lossen van de tuinmachines komt hij met een teen onder één van de lepels van de heftruck klem te zitten. De werknemer heeft blijvend letsel opgelopen. Is art. 7:658 BW en/of art. 7:611 BW van toepassing? Zowel de formele werkgever als inlenende werkgever werden op die grond aansprakelijk gesteld. Vaststond dat de werkgever geen veiligheidsschoenen aan de werknemer had verstrekt. Veiligheidsschoenen hadden kunnen bijdragen aan voorkoming of beperking van het letsel. De zorgplicht van de werkgever bracht mee dat deze veiligheidsschoenen aan de werknemer had dienen te verstrekken. Maar niet kon van de werkgever worden verlangd dat de werkgever, indien de veiligheidsschoenen wel waren verstrekt, ook nog zou controleren of de werknemer deze schoenen in zijn vrachtwagen meenam, indien zij niet beschikte over informatie dat de werknemer dit placht na te laten. Niet kan van werkgevers worden verlangd dat zij ervoor zouden zorgen dat er toezicht bij het lossen, bijvoorbeeld door de klant, plaats zou vinden (Hoge Raad, 5 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3519).

Het hiervoor genoemde voorbeeld leert dat kennisneming van de juiste feiten in het algemeen en over o.a. de toedracht van een bedrijfsongeval in dit geval vaak van doorslaggevend belang zijn. Die feiten moeten immers worden beoordeeld in het licht van de uitgebreide jurisprudentie. Dat is bij uitstek het werkterrein van de specialisten van JPR Advocaten. Wij zijn gewend kritisch en alert door te vragen over de feiten.

Bestuurdersaansprakelijkheid

Als maatstaf voor de persoonlijke aansprakelijkheid van een bestuurder van een vennootschap geldt de norm die de Hoge Raad heeft aanvaard in zijn Ontvanger/Roelofsen-arrest van 8 december 2006 (ECLI:NL:HR:2006:AZ0758, NJ 2006/659). Volgens de Hoge Raad gaat het erom of de bestuurder wist of redelijkerwijs behoorde te begrijpen dat de door hem bewerkstelligde of toegelaten handelwijze van de vennootschap tot gevolg zou hebben dat deze haar verplichtingen niet zou nakomen en voor de als gevolg daarvan optredende schade geen verhaal zou bieden.

Dit betekent dat voor een ernstig verwijt aan de bestuurder voldoende is dat de bestuurder ten tijde van het hem verweten handelen of nalaten ernstig rekening had moeten houden met de mogelijkheid dat ondanks de gestelde tegenvordering een vordering op de vennootschap zou overblijven (Hoge Raad, 4 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:829, NJ 2014/195).

Advies

Hierboven hebben wij slechts enkele aspecten van het aansprakelijkheidsrecht uitgelicht. De specialisten van JPR overzien het hele pallet.

Hebt u schade geleden als gevolg van een onrechtmatige daad of toerekenbare tekortkoming (wanprestatie) van een ander? Bent u door een ander aansprakelijk gesteld op grond van een onrechtmatige daad of wanprestatie? De specialisten van de sectie Aansprakelijkheid en Verzekering van JPR Advocaten zijn ter zake zeer deskundig en graag bereid u en/of uw bedrijf te adviseren of zo nodig in een (gerechtelijke of mediation-/arbitrage) procedure bij te staan.

Meer weten over onze dienstverlening?
Neem contact op
Op de hoogte blijven?
Meld u aan voor de nieuwsbrief: