Menu
JPR Advocaten

Manege of instructeur aansprakelijk voor schade als gevolg van val van een paard tijdens paardrijles?

Geschreven op 30 juni 2016  •  Auteur: Sectie verzekeringsrecht
Manege of instructeur aansprakelijk voor schade als gevolg van val van een paard tijdens paardrijles?

In 2011 heeft de Hoge Raad in het arrest Kremers/Van de Water Hoge Raad (1 april 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP1475) beslist dat de aansprakelijkheid voor schade als gevolg van een val van een paard, op grond van artikel 6:181 lid 1 BW kan worden verlegd van de eigenaar van het paard naar de bedrijfsmatig gebruiker van dat paard. In een procedure voor het Hof Den Bosch (arrest van 17 mei 2016, ECLI:NL:GHXHE:2016:1938) stelde de manege geen bedrijfsmatig gebruiker van het paard te zijn en voor zover art. 6:181 lid 1 BW van toepassing zou zijn, niet de manege, maar de instructeur (ZZP-er) op grond van art. 6:181 lid 2 BW aansprakelijk moest worden geacht. De instructeur had immers ook profijt gehad van het bedrijfsmatig gebruik van het paard, zo redeneerde de manege. Omdat de manege uitdrukkelijk erkend had dat zij het paard verhuurd had en aan derden ter beschikking had gesteld, was sprake van een bedrijfsmatig gebruik. De term “bedrijf” moet worden uitgelegd in het licht van de strekking van die bepaling zelf, aldus het Hof. Daarbij is vooral van belang in hoeverre de betreffende activiteiten naar buiten moeten worden gezien als afkomstig van een eenheid (van de onderneming in het kader waarvan het dier wordt gebruikt). Volgens het Hof was de instructeur niet aan te merken als “een ander” in de zin van art. 6:181 lid 2 BW, zoals de manege had bepleit. De manege had daartoe een getuigenverklaring van de instructeur als bewijs overgelegd. Daaruit bleek onder meer dat de instructeur niet zelfstandig lesafspraken maakte. Volgens het Hof kon uit de verklaring niet worden afgeleid dat het handelen van de instructeur de vereiste “bedrijfsmatige trekken” had. Het enkel profijt trekken door het laten betalen van facturen voor paardrijlessen is daartoe onvoldoende. 

De val van het paard vond plaats nadat het paard gestruikeld was. Die gebeurtenis vloeit, aldus het Hof, voort uit de eigen energie van het paard, waarvoor (enkel) de manege aansprakelijk was. Causaal verband tussen val, letsel en schade moet nog wel bewezen worden.

Lees hier het volledige arrest.



Op de hoogte blijven?
Meld u aan voor de nieuwsbrief: