Menu
JPR Advocaten

Privacy: rechten van betrokkenen zoals vastgelegd in de AVG

Degene van wie de persoonsgegevens worden verwerkt, wordt aangemerkt als ‘betrokkene’. Het is soms lastig om zicht te krijgen op welke persoonsgegevens er precies worden verwerkt. De betrokkene heeft er echter wel recht op om dit te weten, en om hier zo nodig tegen op te treden. De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) biedt de betrokkene nog meer handvatten dan voorheen om dit te bewerkstelligen.

Voor de AVG had de betrokkene al behoorlijke rechten, maar toen werden zij niet of nauwelijks gebruikt. Zo had de betrokkene onder andere al het recht op inzage en het recht op correctie van de persoonsgegevens. De AVG geeft de betrokkene nu ook het recht op dataportabiliteit en legt tevens het recht op vergetelheid vast in de wet.

Recht op inzage

Een recht dat al bestond voor de invoering van de AVG is het recht op inzage. De betrokkene heeft hiermee het recht om een kopie te ontvangen van de persoonsgegevens die verwerkt worden door een organisatie.

De inzage betreft allerlei informatie over de verwerkingen binnen de organisatie. De bewaartermijn, doorgifte aan andere organisaties, het type persoonsgegevens dat de organisatie verwerkt en waarom. De organisatie is daarnaast verplicht om aan te geven welke rechten de betrokkene nog meer heeft en hoe de betrokkene een klacht kan indienen bij de toezichthouder, de Autoriteit Persoonsgegevens.

Deze informatie heeft een organisatie vaak al paraat op het moment dat een verzoek van een betrokkene binnenkomt. Zowel in het privacybeleid als in het verwerkingsregister is een hoop van de informatie al vastgelegd.

Aanvulling, rectificatie, beperking en verwijdering

Een betrokkene kan de organisatie verzoeken om de persoonsgegevens te verbeteren en/of aan te vullen zodat de persoonsgegevens weer correct zijn: het recht op aanvulling en het recht op rectificatie van persoonsgegevens. Dat kan een betrokkene doen na een beroep op het recht op inzage, maar ook los daarvan.

Ook een beroep op het recht op beperking van de verwerking is mogelijk. Wanneer een betrokkene van mening is dat niet alle persoonsgegevens nodig zijn voor de verwerking kan zij dat aan een organisatie duidelijk maken. De organisatie is in principe verplicht om mee te werken aan een dergelijk verzoek, maar kan aangeven dat de persoonsgegevens toch nodig zijn, bijvoorbeeld omdat de wet de organisatie verplicht om de persoonsgegevens te verwerken. Is het voor een organisatie niet duidelijk? Dan moeten ze voorlopig stoppen met de verwerking totdat duidelijk is of de belangen van de betrokkene zwaarder wegen dan die van de organisatie.

Betrokkenen kunnen ook altijd een verzoek doen om de persoonsgegevens te wissen, ook wel het recht op vergetelheid genoemd. Dat recht is niet absoluut: vaak kan een organisatie dat verzoek om verwijdering weigeren. Een organisatie kan bijvoorbeeld wettelijk verplicht zijn om bepaalde gegevens te bewaren of zij voert een procedure waarin de persoonsgegevens nodig zijn. De organisatie moet wel uitleggen waarom zij persoonsgegevens niet wist. Verwijdert de organisatie de persoonsgegevens? Dan stuurt ze daarvan een bevestiging aan de betrokkene.

Recht op dataportabiliteit

Dit recht is nieuw onder de AVG en gaat alleen over digitale bestanden. Het biedt betrokkenen niet alleen de kans om persoonsgegevens op te vragen, maar om ze over te laten dragen aan een andere organisatie. Stel dat een betrokkene dezelfde dienst wil afnemen bij een nieuwe aanbieder, dan kan zij sinds de AVG vragen om de persoonsgegevens te laten doorsturen aan die nieuwe organisatie. Beide organisaties moeten meewerken aan de overdracht via een gangbaar bestandstype. Een organisatie is verplicht om mee te werken aan dit verzoek en mag er ook geen kosten voor in rekening brengen bij de betrokkene.

Indienen verzoek en identiteit vaststellen

De betrokkene kan een van de vorige verzoeken indienen bij een organisatie. Hier dient de organisatie binnen vier weken op te reageren. Uiteraard moet de organisatie er wel zeker van zijn wie de verzoeker is en of dat wel dezelfde persoon is als de betrokkene. Het mag natuurlijk niet gebeuren dat er op deze manier datalekken ontstaan.

Mochten er klachten ontstaan over de wijze hoe de organisatie deze klacht afhandelt, of klachten over de wijze waarop zij de persoonsgegevens in eerste instantie verwerkt, dan kan de betrokkene zich richten tot de Autoriteit Persoonsgegevens met deze klacht. De Autoriteit Persoonsgegevens zal de klacht vervolgens afhandelen. De Autoriteit Persoonsgegevens heeft de eerste organisaties al geconfronteerd met lasten onder dwangsom, voor het niet tijdig afwikkelen van een dergelijk verzoek. Gelet hierop is het dan ook verstandig de verzoeken van betrokkenen adequaat op te pakken.

Advies privacywetgeving nodig als betrokkene?

Heeft een betrokkene een verzoek bij uw organisatie ingediend? Of wilt u juist een verzoek indienen? Weet u zeker dat alle procedures goed ingericht zijn? JPR Advocaten beschikt over ruime expertise en kennis op het gebied van de AVG en privacywetgeving. Wij kunnen u dan ook in het gehele proces adviseren. Schroom niet om contact op te nemen met één van onze advocaten.

Meer weten over onze dienstverlening?
Neem contact op
Alle advocaten binnen het rechtsgebied Privacyrecht
Op de hoogte blijven?
Meld u aan voor de nieuwsbrief: