Menu
JPR Advocaten

Mededingingsrecht

West Europa kent een vrije markteconomie. Dit is ook een van de grondslagen van de Europese Unie. In het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap werden daarom bepalingen opgenomen om het beginsel van vrije concurrentie binnen de gemeenschappelijke markt te waarborgen. Dit Verdrag is inmiddels vervangen door het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie. De bepalingen zijn echter hetzelfde gebleven. Op grond van een verdrag met de Europese Vrijhandelsassociatie gelden de regels ook in Noorwegen, IJsland en Zwitserland.

Het mededingingsrecht bestaat uit de volgende onderdelen:

  • Kartelrecht;
  • Misbruik economische machtspositie;
  • Concentratiecontrole;
  • Staatssteun

Nederlands recht

Nederland was tot 1994 een kartelparadijs. Met de Mededingingswet is daaraan een einde gekomen. Het Nederlandse mededingingsrecht bevat regels voor kartels, misbruik van een economische machtspositie en concentraties (fusies en overnames) die een getrouwe kopie zijn van de Europese regels. De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa), inmiddels opgegaan in de Autoriteit Consument en Markt (ACM), is ook bevoegd het Europese mededingingsrecht toe te passen als de Europese Commissie niet optreedt. Het volgende geldt voor zowel Europa als Nederland, tenzij anders vermeld.

Economisch recht

Mededingingsrecht is meer economie dan recht. Het gaat immers om de mededinging op de markt.

Kartelrecht

Ondernemingen en verenigingen van ondernemingen mogen de concurrentie niet verhinderen, belemmeren of vervalsen door middel van overeenkomsten of onderling afgestemde gedragingen. Dit kan het doel van de overeenkomst zijn of het gevolg. Dergelijke overeenkomsten zijn nietig en verboden.

Nietigheid heeft tot gevolg dat geen van partijen enig recht aan de overeenkomst kan ontlenen. Iedere partij kan een beroep op deze nietigheid doen. De bewijslast ligt volledig bij de partij die daar een beroep op doet. Als de rechter een dergelijk beroep honoreert wijst hij een vordering tot nakoming, ontbinding of schadevergoeding af. De rechter kan daarbij advies aan de ACM vragen.

De Europese Commissie en de ACM kunnen een boete opleggen die kan oplopen tot 10 % van de omzet over het voorafgaande boekjaar. De ACM kan ook aan leidinggevenden een boete opleggen die kan oplopen tot € 450.000,--.

Merkbaarheid

Het kartelverbod geldt alleen als de beperking voldoende merkbaar is op de relevante markt(en). Beneden bepaalde marktaandelen geldt het verbod daarom niet. Het Europese mededingingsrecht is alleen van toepassing als er een merkbare invloed is op de handel tussen de lidstaten. Voor Nederland geldt deze eis uiteraard niet. Voor Europa zijn er Bekendmakingen van de Europese Commissie. Voor Nederland staan de grenzen in artikel 7 Mededingingswet.

Groepsvrijstellingen

Een aantal overeenkomsten heeft per saldo een positief effect op de mededinging. Voor bepaalde groepen overeenkomsten bestaan daarom Europese Verordeningen met een vrijstelling van het kartelverbod onder bepaalde voorwaarden. Er bestaan groepsvrijstellingen voor:

  • onderzoeks- en ontwikkelingsovereenkomsten;
  • specialisatieovereenkomsten;
  • verticale overeenkomsten;
  • technologieoverdracht;
  • verzekeringen;
  • motorvoertuigen;
  • luchtvervoer;
  • zeevervoer door lijnvaartondernemingen.


Voor alle groepsvrijstellingen geldt dat deze alleen van toepassing zijn als het marktaandeel van partijen beneden een bepaalde grens (meestal 30 %) blijft. Verder is de vrijstelling nooit van toepassing op zogenaamde hardcore beperkingen, zoals prijsafspraken.

Richtsnoeren

De Europese Commissie en de ACM hebben daarnaast een aantal richtsnoeren gepubliceerd met wel en niet toelaatbare vormen van samenwerking tussen ondernemingen.

Misbruik economische machtspositie

Een (bijna) monopolie is niet verboden; misbruik daarvan echter wel. De Europese Commissie en de ACM kunnen daarvoor dezelfde boetes opleggen als voor overtreding van het kartelverbod.

Concentratiecontrole

Fusies en overnames tussen grote ondernemingen moeten vooraf worden gemeld bij de Europese Commissie of de ACM. Deze kan bepalen dat nader onderzoek nodig is en een vergunning moet worden gevraagd. De mededingingsautoriteit gaat daarbij na of er na de concentratie nog voldoende concurrentie overblijft en kan daarbij voorwaarden stellen.

Staatssteun

De overheid mag de mededinging niet verstoren door middel van staatssteun. Dit kan bijvoorbeeld een subsidie zijn of een belastingvoordeel in enige vorm. De Europese Commissie moet vooraf toestemming geven voor staatssteun. Voor bepaalde vormen van staatssteun is geen toestemming vereist. Staatssteun zonder toestemming moet worden terugbetaald met rente. In Nederland gelden bijzondere regels voor overheidsbedrijven.

Toezicht

De Europese Commissie is belast met het toezicht op de nalevering van de Europese regels. De ACM is de mededingingsautoriteit voor Nederland. Beiden zijn bevoegd bij iedereen informatie op te vragen en onaangekondigd inspecties bij bedrijven te houden. Met toestemming van de rechter-commissaris mag ook onderzoek in de woning van directie en medewerkers worden gedaan. Dit heet een dawn raid. Betrokkenen zijn verplicht aan deze inspectie mee te werken en toegang tot hun computersysteem te verlenen. Bij gebrek aan voldoende medewerking kan een fikse boete worden opgelegd.

Last onder dwangsom

De Europese Commissie en de ACM kunnen naast een boete ook een last onder dwangsom opleggen om medewerking af te dwingen.

Rechtsbescherming

Zowel de Europese Commissie als de ACM zijn zowel toezichthouder, opsporingsinstantie als handhaver. Bij de ACM bestaat een strikte scheiding tussen opsporing en handhaving.
Tegen beschikkingen van de Europese Commissie staat beroep bij het Gerecht van Eerste Aanleg van de Europese Unie open met hoger beroep op het Hof van Justitie van de Europese Unie.

In Nederland is de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. Tegen beschikkingen van de ACM moet eerst een bezwaarschrift bij de ACM worden ingediend. De ACM heeft daarvoor een adviescommissie. Tegen de beslissing op bezwaar staat beroep bij de kamer voor bestuurszaken van de rechtbank Rotterdam open met hoger beroep op het College van Beroep voor het Bedrijfsleven in Den Haag.

Civiele procedures

Ondernemers kunnen ook in een civiele procedure een beroep op mededingingsrecht doen. Een overeenkomst die inbreuk maakt op het mededingingsrecht is immers nietig. De partij die in een procedure een beroep doet op die nietigheid moet bewijzen dat aan alle voorwaarden is voldaan. Dit betekent in het bijzonder dat hij voldoende economische gegevens over de marktpositie van partijen en de invloed van de overeenkomst op de relevante markt moet aanvoeren. Verder moet die partij een merkbare invloed van de overeenkomst op de mededinging aantonen, tenzij sprake is van een overeenkomst die ertoe strekt de mededinging te beperken.

Bedrijven die het slachtoffer zijn van een verboden kartel of misbruik van een economische machtspositie kunnen schadevergoeding vorderen van de overtreder(s). Deze schadevergoeding komt boven op de boete van de mededingingsautoriteit. Eind 2014 is een Europese richtlijn aangenomen die dit soort procedures makkelijker maakt. De richtlijn bevat regels voor de bewijskracht van beschikkingen van de Europese Commissie en de ACM over inbreuken, afgifte van bewijsstukken, verjaring, schadevergoeding en het zogenaamde “passing-on” verweer. De richtlijn waarborgt volledige schadevergoeding. Vaak wordt echter het “passing-on" verweer gevoerd dat het slachtoffer de schade heeft doorberekend aan zijn eigen klanten en daarom minder of geen schade heeft geleden. Verder bevat de richtlijn het vermoeden dat het kartel schadelijk is.

Advocaat

In procedures bij het Gerecht van Eerste Aanleg en het Hof van Justitie EU is een advocaat nodig. Voor procedures bij de Nederlandse bestuursrechter is geen advocaat nodig; voor civiele procedures met een vordering van meer dan € 25.000,-- wel.

Meer weten over onze dienstverlening?
Neem contact op
Op de hoogte blijven?
Meld u aan voor de nieuwsbrief: