Menu
JPR Advocaten

Pensioenrecht

Pensioenrecht is een breed vakgebied. De belangrijkste wetgeving met betrekking tot pensioenrecht ligt vast in de pensioenwet. Naast de pensioenwet bestaat echter ook veel aanvullende wet- en regelgeving. Zoals de Wet Bpf 2000 en de wet Verevening pensioenrechten bij echtscheiding. Ook bestaan veel besluiten op het gebied van pensioen.

Uiteraard heeft ook het algemene verbintenissenrecht invloed op het pensioenrecht.

Pensioenrecht heeft raakvlakken met het verzekeringsrecht, daar waar de pensioenuitvoerder een verzekeraar is. Is de pensioenuitvoerder een bedrijfstakpensioenfonds dan komt juist het bestuursrecht in beeld. Het pensioenfonds is een zelfstandig bestuursorgaan als zij besluit over vrijstellingen.

Een belangrijk deelgebied binnen het pensioenrecht betreft de gelijke behandeling. (Indirect) onderscheid op grond van geslacht of leeftijd is behoudens uitzonderingen verboden. Europees recht heeft grote invloed.

Pensioenuitvoerders hebben een grote verantwoordelijkheid. Dit geldt voor zowel verzekeraars als pensioenfondsen. De verantwoordelijkheid maakt intern en extern toezicht noodzakelijk. Hier speelt governance een belangrijke rol.
De externe toezichthouder is De Nederlandse Bank. Bij het opstellen van herstelplannen, maar ook bij het uitvoeren van herstelplannen in verband met dekkingstekorten is zij verplichte gesprekspartner.

Pensioen kent ook veel fiscale aspecten, zodat ook fiscaal recht in beeld is bij de behandeling van vraagstukken op het gebied van het pensioenrecht.

Wetgeving op het gebied van sociale zekerheid heeft invloed op het vakgebied pensioenrecht. Te denken valt aan aanpassingen in de WIA of het verhogen respectievelijk verleggen van de AOW-gerechtigde leeftijd. Pensioenuitvoerders hebben regelingen hierop moeten aanpassen.

Voor werkgevers adviseren en procederen de advocaten van JPR Advocaten in verschillende zaken op het gebied van het pensioenrecht.

Verplichtstelling

Op verzoek van sociale partners kan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid deelname aan een bedrijfstakpensioenfonds verplichtstellen voor een hele bedrijfstak. Niet altijd is duidelijk of een bepaald bedrijf tot een bedrijfstak behoort. Daarbij speelt dat de werkingsfeerbepalingen voor een bedrijfstak cao niet altijd identiek zijn aan die van een verplichtstellingsbesluit. Het komt nog steeds geregeld voor dat een werkgever er pas na jaren achter komt dat hij onder een verplichtstelling valt.
De financiële gevolgen kunnen groot zijn en wij proberen deze zoveel mogelijk voor u te beperken.

Opstellen en uitleg van pensioenafspraken

In het verleden was nog minder aandacht voor pensioen dan nu. Afspraken liggen dan ook niet altijd schriftelijk vast. Ook als afspraken vastliggen, is niet altijd even duidelijk hoe deze moeten worden uitgelegd. Het komt in onze praktijk met grote regelmaat voor dat werknemers werkgevers aanspreken op vermeende pensioenafspraken. Afhankelijk van de omstandigheden van het geval is het mogelijk daar tegen verweer te voeren. Discussie kunt u voorkomen door afspraken van te voren goed vast te leggen.

(Eenzijdige) wijziging van pensioenafspraken

Over het wijzigen van pensioenovereenkomsten wordt vaak te makkelijk gedacht. Afspraak is afspraak en een afspraak komt tot stand door aanbod en aanvaarding. Voor het aanpassen van een afspraak geldt dit dus ook. Het opnemen van een eenzijdig wijzigingsbeding in de pensioenovereenkomst maakt het wijzigen van pensioenafspraken een stuk eenvoudiger. Evenwel dient dan nog steeds een belangafweging te worden gemaakt. Dit laatste vergeet men vaak. Achteraf kan dan komen vast te staan dat de wijziging niet rechtsgeldig is geweest. De wijziging van het toeslagenbeleid vergt bijzondere aandacht. Dit heeft immers niet alleen betrekking op de actieve deelnemers, maar kan ook betrekking hebben op slapers en gepensioneerden.

(Collectieve) waardeoverdracht

U bent verplicht het pensioen onder te brengen bij een pensioenuitvoerder. Dit kan een pensioenfonds zijn of een verzekeraar. Bij een pensioenfonds bestaat een onderscheid tussen bedrijfstakpensioenfondsen en ondernemingspensioenfondsen. Ondernemingspensioenfondsen worden ook wel bedrijfspensioenfondsen genoemd. Een bedrijfspensioenfonds moet zeker niet verward worden met een bedrijfstakpensioenfonds. Indien u van uitvoerder wisselt, is het afhankelijk van de omstandigheden van het geval onder voorwaarden mogelijk de waarde over te dragen van de ene uitvoerder naar de ander.

Indien een werknemer wisselt van baan kan de werknemer (individuele) waardeoverdracht vragen. U mag niet afspreken dat een werknemer daarvan afziet. Wel kan voor u een bijbetalingsverplichting ontstaan. Dit terwijl waardeoverdracht voor de werknemer niet zonder meer gunstiger is. De plicht tot waardeoverdracht bestaat niet bij kleine werkgevers, indien de bijbetalingsverplichting meer is dan € 15.000,-- of meer bedraagt dan 10% van de overdrachtswaarde. Een kleine werkgever is een werkgever met een totale loonsom van minder dan ca. € 750.000,--.

Medezeggenschap

Bij u als werkgever speelt medezeggenschap ook een rol. In een aantal gevallen bestaat instemmingsrecht van de ondernemingsraad. Dit geldt voor de vaststelling, wijzing of intrekking van een regeling met betrekking tot de pensioenverzekering. Echter ook bij het onderbrengen van de pensioenovereenkomst bij een niet verplicht gesteld pensioenfonds is sprake van instemmingsrecht. Een pensioenfonds zelf kent een verantwoordingsorgaan, bestaande uit deelnemers en pensioengerechtigde.

Pensioendriehoek

Het pensioenrecht is ook ingewikkeld, omdat steeds meerdere partijen zijn betrokken. De pensioenuitvoerder maakt samen met u en uw werkgever deel uit van de zogenoemde pensioendriehoek. De relatie tussen u en uw werkgever ligt vast in de pensioenovereenkomst.

Dit kan een onderdeel zijn van de arbeidsovereenkomst of een apart document. De rechten en plichten tussen werkgever en de pensioenuitvoerder liggen vast in de uitvoeringsovereenkomst of bij een bedrijfstakpensioenfonds in de statuten en reglementen. Het pensioenreglement bepaalt de rechten en plichten in de verhouding deelnemer en pensioenuitvoerder.

Soorten pensioen

De pensioenwet maakt een onderscheid tussen ouderdomspensioen, nabestaandenpensioen en arbeidsongeschiktheidspensioen. Ouderdomspensioen is het pensioen dat u ontvangt na het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Nabestaandenpensioen is het pensioen dat uw nabestaande ontvangt na uw overlijden. Arbeidsongeschiktheidspensioen is het pensioen dat u ontvangt in verband met (langdurige) arbeidsongeschiktheid. Doorgaans is bij arbeidsongeschiktheid de verdere opbouw van ouderdomspensioen verzekerd. Aldus hebt u dan aanspraak op premie vrije opbouw van pensioen.

Karakter van de pensioenovereenkomst

Pensioen kan het karakter hebben van een uitkeringsovereenkomst, een kapitaalovereenkomst of een premieovereenkomst. Bij een uitkeringsovereenkomst staat de hoogte van de uitkering op de pensioendatum vast. Is sprake van een kapitaalovereenkomst, dan staat het per pensioendatum opgebouwde kapitaal vast. Aan de hand van de dan geldende rentestanden en sterftekansen kan met dat kapitaal een uitkering worden aangekocht.

Pensioen na scheiding

Bij iedere echtscheiding is het pensioenrecht relevant. Pensioen na scheiding regelt men door de verevening van het pensioen. Partijen kunnen afwijken van de standaard verevening door een ander percentage te hanteren. Indien de pensioenuitvoerder daarmee instemt is conversie ook mogelijk. Partijen verkrijgen dan een zelfstandig (onafhankelijk) aanspraak op elkaars pensioen.

Indexatie of toeslagverlening

Indexatie of toeslagverlening is eigenlijk hetzelfde. Toeslag kan voorwaardelijk of onvoorwaardelijk worden verleend. Of sprake is van onvoorwaardelijke of voorwaardelijke toeslagverlening is niet altijd duidelijk. Bovendien zijn partijen het niet altijd eens over beantwoording van de vraag of aan de voorwaarden is voldaan.

Waardeoverdracht

Wisselt u van werkgever, dan kunt u waardeoverdracht vragen. Hier is geen termijn meer aan verbonden. Voor uw werkgever kan een waardeoverdracht een bijbetalingsverplichting inhouden. Is uw werkgever klein en is de bijbetalingsverplichting verhoudingsgewijs te hoog, dan bestaat geen verplichting tot het meewerken aan een waardeoverdracht.

Doorwerken na de AOW-gerechtigde leeftijd

Tegenwoordig kennen veel pensioenregelingen een flexibele pensioenleeftijd. Dit biedt de mogelijkheid om het pensioen later te laten ingaan. U blijft doorwerken na de AOW-gerechtigde leeftijd. Het beleid van de overheid is gericht op het zoveel mogelijk blijven doorwerken na de AOW-gerechtigde leeftijd. Werknemer en werkgever moeten echter wel goede afspraken maken om geen onduidelijkheid te krijgen over hun rechten en plichten bij het eventueel doorwerken na de AOW-gerechtigde leeftijd.

Bij al uw vragen op het gebied van pensioenrecht kunnen wij u behulpzaam zijn.

Bij het voeren van een procedure trekken bedrijfsjuristen en advocaten samen op. Samen bepalen zij de inhoud en de strategie en vullen elkaar aan. De bedrijfsjurist is op de hoogte van de interne processen en methodieken, de advocaat weet hoe een procedure moet worden gevoerd. Ook ten aanzien van beleidsmatige aspecten weten zij elkaar te vinden. Compliance en Governance zijn onderwerp van gesprek.

Jurisprudentie op het gebied van verjaring of bijvoorbeeld de bewijslastverdeling bij verplichtstelling kunnen van invloed zijn op het door de pensioenuitvoerder te voeren beleid.

Het werkt prettiger samen met een advocaat met specialistische kennis op het gebied van het pensioenrecht. Zaken die wij hebben behandeld lopen in onderwerp sterk uiteen.

  • Wijziging van pensioenregelingen
  • informatieverplichtingen
  • indexatie en toeslag
  • verjaring
  • aanspraken op partnerpensioen
  • verplichte aansluiting en vrijstelling
  • medezeggenschap, verantwoording en governance
  • fusie en overnames
  • gelijke behandeling
  • waarde overdrachten.
Meer weten over onze dienstverlening?
Neem contact op
Alle advocaten binnen het rechtsgebied Pensioenrecht
Op de hoogte blijven?
Meld u aan voor de nieuwsbrief: