Menu
JPR Advocaten

Particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering: verzekerde moet financiële gegevens aan verzekeraar verstrekken, ongeacht of deze aov als een schade- of sommenverzekering aan te merken valt

Geschreven op 26 februari 2016  •  Auteur: Bart Holthuis
Particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering: verzekerde moet financiële gegevens aan verzekeraar verstrekken, ongeacht of deze aov als een schade- of sommenverzekering aan te merken valt

De toepasselijke polisvoorwaarden bevatten onder meer de navolgende bepalingen:

13. Verplichtingen bij arbeidsongeschiktheid en/of ongeval
Verzekeringnemer, respectievelijk verzekerde of begunstigde is verplicht:
(…)
13.4 alle door De Amersfoortse nodig geoordeelde gegevens te verstrekken of te doen verstrekken aan De Amersfoortse of aan door haar aangewezen deskundigen en daartoe de nodige machtigingen te verlenen; voorts geen feiten of omstandigheden te verzwijgen, verkeerd of onwaarachtig voor te stellen, die voor de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid of de uitkering van belang zijn.
(…)
13.8 Verzekerde is verplicht medewerking te verlenen bij aanpassing van werkzaamheden, werkomstandigheden of taakverschuivingen binnen het eigen bedrijf, die in redelijkheid van verzekerde kunnen worden verlangd ter bevordering van zijn herstel en/of vermindering van zijn arbeidsongeschiktheid. Bij het niet nakomen van deze verplichting heeft De Amersfoortse het recht bij beoordeling van de arbeidsongeschiktheid uit te gaan van passende arbeid.
(…)”

Een verzekerde van De Amersfoortse weigerde de financiële gegevens van zijn bedrijf over te leggen, omdat de aov als een sommen- en niet als een schadeverzekering aan te merken zou zijn. De Amersfoortse betwistte dit overigens, maar stelde dat zelfs indien de onderhavige arbeidsongeschiktheidsverzekering als een sommenverzekering zou zijn aan te merken, verzekerde zowel op grond van art. 7:941 lid 2 BW als art. 13 lid 4 van de polisvoorwaarden verplicht was zijn financiële gegevens te verstrekken.

De Rechtbank volgt het standpunt van De Amersfoortse en overwoog als volgt:

“4.1 De vraag die partijen verdeeld houdt is of De Amersfoortse de arbeidsongeschiktheidsuitkering mocht stopzetten vanwege het feit dat [verzekerde] weigerde de door De Amersfoortse opgevraagde jaarcijfers over 2010 en 2011 te verstrekken. Met De Amersfoortse is de rechtbank van oordeel dat de door De Amersfoortse verlangde inzage in de inkomensgegevens van [verzekerde] los staat van de kwalificatie van de betreffende arbeidsongeschiktheidsverzekering als schadeverzekering of sommenverzekering. Dat [verzekerde] gehouden is om inzage te geven in de cijfers van zijn onderneming volgt uit de toepasselijke polisvoorwaarden. De rechtbank wijst op artikel 13.4 van de polisvoorwaarden, waar - samengevat - staat dat de verzekerde in geval van arbeidsongeschiktheid verplicht is al die gegevens te verstrekken die de verzekeraar nodig heeft, en op artikel 14 waar - samengevat - staat dat zolang sprake is van arbeidsongeschiktheid de mate van arbeidsongeschiktheid en de hoogte van de uitkering steeds zullen worden beoordeeld aan de hand van gegevens van verschillende aard. Deze inlichtingenplicht volgt bovendien uit de wet, artikel 7:941 lid 2 BW. Ook als moet worden aangenomen dat het huidige inkomen van [verzekerde] niet de basis vormt voor de (hoogte van de) uitkering, dan nog is naar het oordeel van de rechtbank het opvragen van inkomensgegeven in de vorm van jaarcijfers in het licht van die polisvoorwaarden geen onredelijke eis. [Verzekerde] maakt immers aanspraak op uitkering uit hoofde van de arbeidsongeschiktheidsverzekering en hij is daarom gehouden om mee te werken aan medische onderzoeken en aan arbeidsdeskundige begeleiding en hij moet ook informatie aanleveren op financieel vlak. Zolang aanspraak wordt gemaakt op uitkering moet de verzekeraar immers in staat zijn aan de hand van al deze informatie de mate van arbeidsongeschikt-heid, die niet per definitie statisch is, en de hoogte van de uitkering voor een bepaalde periode vast te stellen. Ook zijn die gegevens nodig om, overeenkomstig artikel 13.8 van de polisvoorwaarden, te onderzoeken of er sprake is van veranderingen waardoor het eigen beroep wel weer zou kunnen worden uitgeoefend.”

Lees hier het volledige vonnis.


Bart Holthuis
Mr. B. Holthuis

Bart Holthuis is advocaat bij JPR Advocaten in Deventer en werkzaam in het Verzekeringsrecht. Zijn specialisaties binnen dit rechtsgebied zijn: verzekerings- en aansprakelijkheidsrecht en letselschade. Bart is sinds 1980 actief als advocaat.

Contact opnemen met JPR

Op de hoogte blijven?
Meld u aan voor de nieuwsbrief: