Menu
JPR Advocaten

Lichtvaardige doorstart

Geschreven op 9 januari 2013  •  Auteur: Tian Herstel
Lichtvaardige doorstart

(Deze column is eerder gepubliceerd in het Achterhoek Magazine van 31 december 2012)

Na een faillissement hoeft het niet afgelopen te zijn. Indien de gefailleerde onderneming levensvatbaar is, zijn er meestal gegadigden om met de curator in overleg te treden om activa over te nemen of zelfs de hele onderneming voort te zetten. Vaak is dat de ondernemer zelf. Daarbij mag je er vanuit gaan dat de ondernemer lering heeft getrokken uit hetgeen hem is overkomen. Uit het geval waarin op 28 augustus 2012 in hoger beroep is beslist door het Gerechtshof te Arnhem, blijkt dat dat niet altijd het geval is.

In deze zaak was sprake van een faillissement van een reeds tweemaal doorgestarte onderneming. De structuur en de bedrijfsopzet was in alle drie de keren gelijk. De curator stelde zich op het standpunt dat de bestuurder aansprakelijk was voor het tekort in het faillissement, nu hij onvoldoende voorbereiding had getroffen voor (zeker) de tweede doorstart. De rechtbank was het niet eens met de curator en heeft zijn vorderingen afgewezen. Het Gerechtshof meende echter dat de curator wel het gelijk aan zijn zijde had.

De belangrijkste argumenten van de curator waren dat het al twee keer eerder mis was gegaan en ook dit keer zonder verbetering van het bedrijfsconcept, zonder deugdelijk bedrijfsplan of begroting en zonder afdoende financiële middelen de vennootschap heeft opgericht. Het hof deelt de mening dat het getuigt van kennelijk onbehoorlijk bestuur om zonder meer een bedrijfsconcept te herhalen dat al meermalen is mislukt. Nader onderzoek na twee mislukkingen mag wel worden verwacht. Nu daarvan geen sprake is geweest en bovendien de bestuurder zich niet deugdelijk heeft laten adviseren bij zijn (tweede) doorstart-plannen, komt het Hof dan ook tot de conclusie dat dit kennelijk onbehoorlijk bestuur oplevert; de bestuurder heeft gehandeld zoals geen redelijk handelend bestuurder zou doen. Het feit dat de bestuurder geen andere en voldoende concrete oorzaak voor het faillissement heeft aangewezen, levert dan ook een veroordeling op.

De bestuurder zal het volledige tekort in het faillissement moeten betalen, als het aan de curator en dus ook het hof ligt. Daarbij moet afhankelijk van de verdere ontwikkelingen in het faillissement de afwikkeling worden afgewacht. Niettemin acht het hof het gepast om het verzoek van de curator om een voorschot toe te wijzen ad € 250.000.

Bezint dus, eer gij begint!


Tian Herstel
Mr. J.C.A. Herstel

Tian Herstel is advocaat bij JPR Advocaten in Doetinchem en werkzaam in het Ondernemingsrecht. Zijn specialisaties binnen dit rechtsgebied zijn: insolventierecht, vennootschapsrecht en fusies en overnames. Tian is sinds 1997 actief als advocaat.

Contact opnemen met JPR

Op de hoogte blijven?
Meld u aan voor de nieuwsbrief: