Menu
JPR Advocaten

Een verhoogd eigen risico voor comazuipers

Geschreven op 20 maart 2012  •  Auteur: Pieter Leerink
Een verhoogd eigen risico voor comazuipers

Een verhoogd eigen risico voor comazuipers
De bestuursvoorzitter van het Medisch Spectrum Twente in Enschede, Herre Kingma, heeft er voor gepleit dat “comazuipers” zelf de ziekenhuiskosten moeten betalen. Inmiddels heeft de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Edith Schippers, aangegeven dat ze hier niets voor voelt.


In het debat blijven interessante juridische vragen onderbelicht. Op dit moment is het niet mogelijk voor zorgverzekeraars om dekking te weigeren in geval van opzet of roekeloosheid van de verzekerde. Dit staat in art. 15 lid 2 van de Zorgverzekeringswet. Daarmee wordt bewust afgeweken van het uitgangspunt dat de verzekeraar geen schade vergoed aan de verzekerde die de schade met opzet of door roekeloosheid heeft veroorzaakt (art. 7:952 BW). “Het recht op zorg is daarvoor te belangrijk. Voorkomen dient bijvoorbeeld te worden dat een fietser die door rood rijdt, wordt aangereden en een gebroken been oploopt, vervolgens de benodigde zorg zelf moet betalen.”, zo valt in de toelichting te lezen. Eerder in 1998 had de Hoge Raad ook al bepaald dat bij de ziektekostenverzekering een beroep op opzet niet mogelijk zou moeten zijn. Dit zou tot het onaanvaardbare gevolg kunnen leiden dat de verzekerde zich gedwongen zou zien een medisch noodzakelijke behandeling achterwege te laten.


Schippers laat noteren in de Volkskrant dat “spoedeisende hulp in het ziekenhuis hoort bij de basisverzekering. Iedereen in Nederland is verplicht verzekerd. Wie zorg nodig heeft die wordt gedekt door de basisverzekering, heeft daar recht op.” Ze heeft daar een punt. De zorgverzekering is geen normale verzekering. Dat zit niet zozeer in het verplichte karakter maar wel in de acceptatieplicht. Iedereen wordt verzekerd, ook als je bij het sluiten van de zorgverzekering in het ziekenhuis ligt. Brandende huizen zijn normaal niet te verzekeren, maar bij de zorgverzekering is dat anders. Wat ook anders is dat de financiering niet (alleen) plaatsvindt via de premiebetaling.


Toch is het de vraag of in het bijzondere karakter van de zorgverzekering de rechtvaardiging kan worden gevonden om bij opzet onverminderd dekking te verlenen. Het argument dat iedereen recht heeft op spoedeisende hulp raakt niet de kern. Deze hulp moet inderdaad worden verleend. De vraag is wie de kosten betaalt. De zorgverzekeraar óf de patiënt die opzettelijk zijn gezondheid heeft geschaad. Het zou inderdaad zo kunnen zijn dat deze patiënten zich gedwongen zien een medisch noodzakelijke behandeling achterweg te laten als zij weten dat zij de kosten zelf moeten betalen. Ik heb overigens geen bewijs gezien dat dit ook echt zo is. In Duitsland is bijvoorbeeld voor de zorgverzekering geen uitzondering gemaakt op de verzekeringsrechtelijke hoofdregel dat opzet niet verzekerd is. Mij zijn geen signalen bekend dat dit in Duitsland tot ongewenste effecten leidt. Ik zie wel in dat de dreiging van een torenhoge ziekenhuisrekening kan leiden tot het achterwege laten van noodzakelijke zorg. Daarom zou ik willen pleiten voor een minder zware financiële sanctie in de vorm van een door de zorgverzekeraar bij de patiënt in rekening te brengen (verhoogd) eigen risico in bepaalde gevallen van opzet.


Opzet is overigens moeilijk te bewijzen. Herre Kingma heeft naar ik begrijp met name gewezen op meerderjarigen die zich willens en wetens en bij herhaling volgooien met drank en er voor de kick op uit zijn in een soort coma te raken. Wat mij betreft kan er weinig discussie over zijn dat een passende financiële sanctie in zo’n geval redelijk is.


Pieter Leerink
Mr. dr. P.M. Leerink

“Goed luisteren, duidelijke taal en niet te ingewikkeld doen. Dat is mijn motto. Het leukste aan mijn vak vind ik om ingewikkelde zaken simpel te maken en samen met de klant een strategie te bepalen. Ik sta voor een efficiënte aanpak gericht op een duurzame oplossing.
 
Vaak treed ik op voor klanten die geconfronteerd worden met een schade of een claim. Juist dan neem ik de klant bij de hand en ontzorg. Juridische procedures zijn soms niet te voorkomen. Een van de leuke dingen van mijn vak is het schrijven van een goed processtuk en het pleiten voor de rechter.
 
Ik stop veel energie in het vinden van een oplossing van de zaak. Vanuit mijn ervaring met de afwikkeling van complexe schadezaken kan ik preventief problemen signaleren en oplossingen aanbieden. Ik gebruik mijn praktijkervaring ook in workshops en publicaties. Zo treed ik regelmatig op als spreker en/of docent voor ACIS-symposia, Stichting Assurantie Registratie en bij relaties uit de verzekeringsbranche.”

Over Pieter

Sinds 1993 is Pieter werkzaam bij JPR Advocaten, hij is gestart in de algemene praktijk. Al snel heeft hij zich toegelegd op het verzekeringsrecht en aansprakelijkheidsrecht. In het bijzonder heeft hij zich gespecialiseerd in beroepsaansprakelijkheid, AOV en complexe (brand)schades. Pieter is vanaf 2000 partner van JPR en heeft van 2001 tot 2006 en van 2015 tot 2018 als lid van het Dagelijks Bestuur leiding gegeven aan JPR Advocaten.

Contact opnemen met JPR

Op de hoogte blijven?
Meld u aan voor de nieuwsbrief: