Menu
JPR Advocaten

Bestuurdersaansprakelijkheid na verkoop aandelen

Geschreven op 30 januari 2013  •  Auteur: Tian Herstel
Bestuurdersaansprakelijkheid na verkoop aandelen

(Dit artikel is eerder gepubliceerd in het Achterhoek Magazine van januari/februari 2013)

In de faillissementspraktijk komt het regelmatig voor dat een curator wordt geconfronteerd met een vennootschap die wordt bestuurd door een persoon die onvindbaar is en geen enkel idee heeft wat de onderneming eigenlijk deed. Dan blijkt dat de aandelen recent voor het faillissement zijn overgedragen en vervolgens de onderneming door de nieuwe eigenaar aan zijn lot is overgelaten. In sommige gevallen zijn dan de nog wel aanwezige activa te gelde gemaakt. De curator treft in feite niets anders aan dan schulden. De persoon die op dat moment aandeelhouder en bestuurder is blijkt in veel gevallen geen verhaal te bieden, ondanks het feit dat er op zichzelf redenen zouden zijn om hem aansprakelijk te stellen.

Een bestuurder van een besloten vennootschap kan in beginsel niet in privé aansprakelijk worden gehouden voor schulden van de door hem bestuurde vennootschap. Alleen in situaties waarin de bestuurder een ernstig persoonlijk verwijt kan worden gemaakt, zal tot persoonlijke aansprakelijkheid kunnen worden geconcludeerd. Die situaties moeten worden aangeduid als uitzonderingen. De norm die daarbij gehanteerd wordt, is eind jaren ’80 door de Hoge Raad geformuleerd in het zogenoemde ‘Beklamel-arrest’. Deze norm heeft te gelden voor bestuurders die op naam van de vennootschap verplichtingen aangaat, terwijl hij weet of redelijkerwijs behoorde te begrijpen dat de vennootschap die verplichting niet zou (kunnen) nakomen. In de afgelopen periode zijn er enkele uitspraken gedaan die de aansprakelijkheid van met name gewezen bestuurders hebben gevestigd. In het navolgende zullen enkele van deze uitspraken kort worden beschreven.

Het gaat allereerst om een uitspraak van de rechtbank te Utrecht van 25 mei 2011. In deze zaak werd een opdracht gegeven en uitgevoerd door een leverancier. Vrij kort daarna worden de aandelen van de opdrachtgever verkocht voor € 1,--, waarna komt vast te staan dat de vennootschap niet in staat blijkt om aan haar verplichtingen te voldoen. De voormalig eigenaar/bestuurder is inmiddels met een nieuwe onderneming gestart, waarmee in feite dezelfde activiteiten worden verricht. De rechtbank stelt vast dat het handelen van de voormalig bestuurder jegens de schuldeiser zodanig onzorgvuldig is dat hem terzake dat handelen een ernstig persoonlijk verwijt kan worden gemaakt. De voormalig bestuurder wist of had in ieder geval redelijkerwijze behoren te begrijpen dat door de verkoop van de aandelen de vennootschap de verplichtingen niet zou nakomen en ook geen verhaal zou bieden voor de als gevolg daarvan opgetreden schade. Hij wordt dan ook door de rechtbank veroordeeld om de schade van de schuldeiser te vergoeden.

De rechtbank te Amsterdam heeft op 25 januari 2012 een uitspraak in een soortgelijke zaak gedaan. Diverse facturen van een crediteur blijven onbetaald en na enige tijd blijken de aandelen van de debiteur te zijn overgedragen aan een voor de eigenaar/directeur van de debiteur onbekende rechtspersoon die zich aanbood als koper van vennootschappen. Betaling van de facturen blijft uit en faillissement van de debiteur volgt. De crediteur spreekt vervolgens de voormalig eigenaar/directeur aan tot vergoeding van de geleden schade. De rechtbank stelt vast dat de bestuurder door deze verkoop zonder enig onderzoek te doen naar de bedoelingen van de koper met de vennootschap, zodanig onzorgvuldig is dat hem een ernstig persoonlijk verwijt valt te maken. Het verweer dat een verkoper van een vennootschap niet de verplichting heeft om zich er van te verzekeren dat bestaande verplichtingen na de verkoop zullen worden nagekomen, maar de rechtbank meent dat de verkoper zelfs het tegendeel heeft gedaan; hij heeft zich namelijk in het geheel niet bekommerd om het lot van de verkochte vennootschap.

De laatste uitspraak in deze rij betreft de uitspraak van de rechtbank te Middelburg, sector kanton van 5 maart 2012. Na het sluiten van enkele leaseovereenkomsten komt de vennootschap in zwaar weer te verkeren. De achterstanden in de leasetermijnen lopen op. De bestuurders en aandeelhouders besluiten de aandelen van de vennootschap te verkopen. De koper van de aandelen ziet af van het doen van een due diligence onderzoek, ondanks dat verkopers de koper daartoe uitdrukkelijk in de gelegenheid hebben gesteld. Dat blijkt met zoveel woorden uit de akte van levering van de aandelen. Daaruit blijkt ook dat de koper is medegedeeld dat de vennootschap in zwaar weer verkeerde. Onder verwijzing naar – onder meer – de uitspraak van de rechtbank Utrecht hierboven, is de kantonrechter van oordeel dat in dit geval de bestuurders een ernstig persoonlijk verwijt kan worden gemaakt. Het verkopen van de aandelen in de situatie dat de vennootschap in financiële problemen verkeert en vervolgens geen onderzoek doen naar de achtergronden en de gegoedheid van de kopende partij levert deze conclusie op. Dat de kopende partij meermalen bij dubieuze praktijken betrokken is geweest, heeft aan dit oordeel zeker bijgedragen.

Het verkopen van een onderneming kent veel haken en ogen. Het (soms uit nood) te snel verkopen van een noodlijdende onderneming kan ook nadien nog veel gevolgen hebben. In de hiervoor omschreven situaties zal de verkoper misschien gedacht hebben de aansprakelijkheid en verantwoordelijkheid kwijt te zijn, maar de rechter heeft anders geoordeeld.


Tian Herstel
Mr. J.C.A. Herstel

Tian Herstel is advocaat bij JPR Advocaten in Doetinchem en werkzaam in het Ondernemingsrecht. Zijn specialisaties binnen dit rechtsgebied zijn: insolventierecht, vennootschapsrecht en fusies en overnames. Tian is sinds 1997 actief als advocaat.

Contact opnemen met JPR

Op de hoogte blijven?
Meld u aan voor de nieuwsbrief: