Menu
JPR Advocaten

Aan de Flex BV ontkomt niemand

Geschreven op 26 september 2012  •  Auteur:
Aan de Flex BV ontkomt niemand

Elke ondernemer - maar dan ook echt elke ondernemer - krijgt er per 1 oktober mee te maken.

(Dit artikel is opgenomen in het magazine ‘het Ondernemersbelang’, nr. 4/september 2012.)

Geen enkele BV ontkomt er aan. Op 1 oktober hebben we in Nederland (eindelijk!) de Flex BV als definitieve rechtsvorm voor de besloten vennootschap. Volgens advocaat Til Kressin, partner bij JPR Advocaten in Enschede, betekent dat een flink aantal veranderingen. “Ik vraag me af of ondernemers, de directeur-grootaandeelhouders, zich al voldoende bewust zijn van het feit dat ze hun statuten wellicht moeten veranderen. Als ze dat niet doen, zullen zij wel de lasten van de wetswijzigingen merken zonder van de lusten te kunnen profiteren. Want de naam zegt het al: de inrichting van de Flex BV, dus stemrecht, aandelenverhouding en alles inherent daaraan, is flexibeler geworden. Om deze voordelen te benutten moet er wel wat gebeuren!”

Volgens Kressin was het oude vennootschapsrecht inmiddels een veel te rigide stelsel geworden en aan ‘een grote beurt’ toe. “Er was een soort van over-regulering. Er werd te veel beredeneerd vanuit de optiek dat ‘het zo moet’ waarbij je dan slechts een aantal uitzonderingen kon toepassen. De inrichtingsvrijheid was te beperkt. De noodzaak voor een vereenvoudiging ontstond door een uitspraak van het Europese Gerechtshof. De aanleiding voor deze uitspraak kwam overigens uit Nederland. Een ondernemer wilde in Amsterdam een Engelse Ltd. bij de Kamer van Koophandel inschrijven, wat werd geweigerd. Het Europese Gerechtshof bepaalde dat ondernemers in Europese Unie in beginsel ieder rechtsvorm mogen gebruiken die in de Europese Unie is erkend, ongeacht het land waar deze ondernemers hun bedrijf uitoefenen. De uitspraak leidde overal in Europa tot de zorg dat iedereen gebruik zou gaan maken van de – op het oog - goedkope en toegankelijke Engelse Limited. In alle landen is men toen gaan sleutelen aan het eigen vennootschapsrecht. De essentie is dat in Nederland bijna alle regels die het kapitaal beoogden te beschermen - in de praktijk overigens zonder veel succes - overboord zijn gezet. In plaats daarvan is een nieuwe algemene norm ingevoerd: een vennootschap moet aan zijn verplichtingen kunnen voldoen en pas daarna komt het belang van de aandeelhouders. Handelen bestuurder en aandeelhouder in strijd hiermee worden zij aansprakelijk. Dus, je moet je bedrijf zó voeren dat je eerst je rekeningen aan de crediteuren betaalt en dan pas dividend uitkeert. Het belang van de crediteuren is dus groter geworden. In de nieuwe regeling kun je je niet meer verschuilen achter formeel juist genomen besluiten. Het is minder belangrijk of spelregels zijn nageleefd, maar het gaat erom of de bestuurder inhoudelijk de juiste afweging maakt wanneer hij, op welke wijze dan ook, een uitkering doet aan de aandeelhouders.”

Bedrijfseconomisch
Kressin beoordeelt deze ontwikkelingen als een ‘goede zaak’. “Los van de juridische heroriëntatie, die elke ondernemer nu moet toepassen, is het goed voor het economisch denken van de ondernemer. Elke ondernemer moet veilig stellen dat hij continu een goed beeld heeft van de liquiditeit en de solvabiliteit van zijn onderneming. “Hij moet online zijn met de cijfers. In de praktijk betekent dit dat je de financiële besluitvorming beter moet definiëren. Elke afweging die je maakt moet je motiveren. En vooral: je moet deze afwegingen beter dan ooit documenteren. Je moet dus gaan formaliseren. Niet zomaar roepen tegen elkaar ‘We doen het’, zoals we eigenlijk nog te vaak zien. Nee, besluiten die leiden tot uitkeringen aan aandeelhouders of transacties met aandeelhouders moet financieel goed gedocumenteerd zijn. Want, hoe een bedrijf ook vaart in de jaren erna, als het op een gegeven moment toch mis gaat, dan dient men terug te kunnen vinden waarom initieel een bepaald besluit is genomen. Daar kun je de verantwoordelijkheid uit afleiden.”

Volgens Kressin maken veel ondernemers deze afwegingen ook nu al; nieuw is dat zij nu het belang van crediteuren hoe dan ook voor moeten laten gaan, en dat zij hun besluit en de onderliggende onderbouwing beter moeten documenteren. Kressin benadrukt dat de Flex BV geen keuze is. “Elke ondernemer krijgt er mee te maken. Ook als hij de enige aandeelhouder is. Je zou kunnen stellen dat de BV verandert van een statuut naar een overeenkomst. Met meer mogelijkheden. En dus meer kansen.”

Tips
De medewerkers van JPR Advocaten hebben dan ook genoeg eerste tips voor ondernemers. “Haal de stukken eens uit de lade. Bestudeer goed hoe je nu bent georganiseerd en bepaal wat die stukken voor gevolgen hebben als je geen actie onderneemt, per 1 oktober. Want, als je niet oppast, dan heb je wel de lasten en niet de lusten. Onderzoek waar de voordelen van de Flex BV voor jouw organisatie zitten!”

Kressin zegt dat het vooral een kwestie van bewustzijn is dat moet groeien bij ondernemers. “Omdat er in het nieuwe stelsel meer vrijheid en keuzes gaan ontstaan, is een goed gesprek hierover geen overbodige luxe. Daarna kunnen statuten worden aangepast.” Kressin vertelt dat JPR Advocaten vooral pleit voor ‘overzichtelijke exercities’. “Voor bepaalde doelgroepen hebben we al een raamwerk gemaakt, waardoor we snel kunnen bepalen en daardoor rap kunnen schakelen waar de veranderingen in de statuten precies moeten plaatsvinden. Maar natuurlijk blijft onverlet dat ook de ondernemer zélf moet bepalen wat hij belangrijk vindt. Of je nu ZZP’er bent, een familiebedrijf runt of andere samenwerkingsverbanden hebt, voor elke organisatievorm liggen er kansen in de nieuwe wetgeving. Zoals ik al zei: geen enkele ondernemer wil toch kansen laten liggen? Kortom: trek de oude statuten uit de lade en flexibiliseer!”



Op de hoogte blijven?
Meld u aan voor de nieuwsbrief: