17-01-2012
Inhoud:
Verzekeraars behoren een verzoek om dekking niet dan na behoorlijk onderzoek af te wijzen. De afwijzing moet ook duidelijk worden gemotiveerd. Wanneer een verzekeraar enkel en alleen afwijst op grond van argument A, maar deze blijkt achteraf onjuist, kan de verzekeraar niet opeens nog met een andere afwijzingsgrond (argument B) komen. Althans soms heeft de verzekeraar dan dit recht verwerkt. Dit hangt af van de alle omstandigheden van het geval, in het bijzondere de wijze waarop de afwijzing was geformuleerd en het vertrouwen dat de verzekerde daaraan mocht ontlenen (HR 3 februari 1989, NJ 1990, 476, Ohra/Goilo). Onder omstandigheden kan een verzekeraar dus gehouden zijn tot het vergoeden van kosten welke niet onder de dekking van de polis vallen, omdat hij het door hem bij de verzekerde door de formulering van zijn afwijzing gewekte vertrouwen niet mag beschamen.
Voor verzekeraars geldt dus dat zij afwijzingen zorgvuldig moeten formuleren. Het beste is om alle mogelijke afwijzingsgronden te noemen, mocht dat niet praktisch zijn, dan kan het beste een duidelijk voorbehoud worden opgenomen dat de verzekeraar zich het recht voorbehoudt om de afwijzing ook nog op andere gronden te baseren.
Een recent voorbeeld waar rechtsverwerking niet werd aangenomen is de uitspraak van de Rechtbank Rotterdam van 7 december 2011, LJN BU9553. Er bestond tussen verzekeraar en verzekerde verschil van mening of aan een aantal voorwaarden was voldaan om een lager eigen risico toe te passen. Verzekerde stelde dat hij uit een email van verzekeraars had opgemaakt dat het debat tussen partijen was teruggebracht tot één voorwaarde, maar de rechtbank oordeelde dat uit de email en de context voldoende helder moet zijn geweest dat deze email in het teken stond van een bredere vraag of voldaan was aan de diverse voorwaarden voor toepassing van een lager eigen risico. De verzekeraar kwam hier met de schrik vrij maar een ander oordeel was ook denkbaar geweest.